Op 4 april verscheen het
eerste boek van Berend Vroom:
‘Fadoek, Willie, Bep en andere
dierenverhalen uit Andalusië’
bij Uitgeverij Parterre.
Berend Vroom studeerde in de
jaren zeventig Nederlands in
Nijmegen. Jaren tachtig
vertrekt hij met vrouw en kind
naar het zuiden van Spanje.
In de Alpujarras, de
bergstreek onder Granada,
verandert hij in een Spaanse
boer voor wie dieren niet in
de eerste plaats vrienden
zijn, maar vulling voor de
vrieskist of machines om het
land te bewerken. Hij ploegt,
injecteert, slacht en eet. En
soms hecht hij zich aan zo’n
beestje.
"Van afdingen kon geen sprake
zijn. Afdingen deden zigeuners
en moren, maar wij,
christenmensen, wij bedrogen
niet. Wij verkochten en
kochten de waar voor wat hij
waard was. Niet meer en niet
minder. Nu ben ik noch
christen, zigeuner of
islamiet. En een kei in
afdingen ben ik ook niet. Ik
geef mijzelf te gauw gewonnen.
Deze christenmens was
gehaaider dan ik en
uiteindelijk stonden we daar
op de markt met één geit voor
de prijs van twee... of
drie."